tomaten7 min lezen
Phytophthora bij tomaten: wat een natte Belgische zomer ermee doet
Phytophthora herkennen, waarom een Belgische zomer er ideaal voor is, wat een afdak en resistente rassen doen, en waar besmet loof heen moet.

Foto: Scot Nelson, CC0
Maandagavond stonden de tomaten er goed bij. Donderdag hangen er bruine, slappe bladeren aan, de stengels hebben donkere plekken en op de groene vruchten verschijnen harde bruine vlekken. Na het weekend is er weinig plant over.
Zo snel gaat het echt. Onder gunstige omstandigheden tast phytophthora in amper twee weken een heel gewas aan, en bij 15 à 25 °C verschijnen de vlekken drie à vier dagen na de infectie.
Een oude bekende
Phytophthora infestans is dezelfde ziekteverwekker als de aardappelplaag. Strikt genomen is het geen schimmel maar een oömyceet, een schimmelachtig organisme. In België dook de aardappelplaag voor het eerst op in juli 1845, in de streek van Kortrijk. Het is vandaag nog altijd de grootste bedreiging voor de aardappelteelt in België.
Tomaten liften mee.
Herkennen, en niet verwarren
Op tomatenblad zie je drie ziektes die op het eerste gezicht op elkaar lijken. Het onderscheid doet ertoe, want alleen phytophthora legt een plant in een paar dagen plat.


Phytophthora. Bleekgroene, waterige vlekken met een vage geelgroene rand, die snel donkerbruin tot zwart worden. Bij vochtig weer zit er aan de onderkant van het blad, aan de rand van de vlek, een wit donzig laagje: dat zijn de sporen. De vlekken komen overal op de plant, ook op jonge bladeren bovenaan. Op de stengels bruine plekken. Groene vruchten krijgen grote, harde, bruine, leerachtige plekken tot de hele tomaat een bruine golfbal is.
Alternaria, in het Engels early blight. Bruine vlekken met concentrische ringen, als een schietschijf, met geel weefsel eromheen. Begint onderaan, op de oudste bladeren.
Septoria. Veel kleine ronde vlekjes met een lichte kern en daarin minuscule zwarte puntjes. Komt zelden op de vruchten.
Zie je een platte, ingezakte bruine plek onderaan de vrucht, en is het blad gezond? Dan is het geen ziekte maar neusrot.
Ik had het zelf één keer: bij Tigerella's die ik niet gedieft had en die met te veel samen in een te kleine pot stonden, op het einde van hun seizoen.
Waarom een Belgische zomer er ideaal voor is
Britse aardappeltelers krijgen sinds 2017 een waarschuwing zodra het weer gevaarlijk wordt: twee opeenvolgende dagen met een minimumtemperatuur van minstens 10 °C, en op elk van die dagen minstens zes uur een luchtvochtigheid van 90 % of meer.
In Asse ligt de gemiddelde minimumtemperatuur op 11,3 °C in juni, 13,3 °C in juli en 12,8 °C in augustus. In een gemiddelde Belgische zomernacht is aan de temperatuurvoorwaarde dus voldaan. Wat overblijft, is vocht.
En dat kan een Belgische zomer leveren. In de zomer van 2021 viel in Ukkel 410,7 mm neerslag, tegenover normaal 234,2 mm, verspreid over 50 regendagen. Zo nat was geen enkele zomer sinds het begin van de metingen in 1833.
Regen is niet eens nodig. Drie uur een nat blad volstaat voor een infectie, en een heel dun laagje vocht zoals dauw is al genoeg voor sporenvorming. De ziekte gedijt het best tussen 10 en 20 °C. Een zachte, vochtige nacht met dauw op de bladeren doet het werk.
Hoe het bij jou terechtkomt
De sporen waaien over lange afstanden mee met de wind, en op korte afstand spatten ze mee met regendruppels. De belangrijkste bron is aangetaste aardappelen. De ziekte overwintert in knollen, ook in vergeten knollen die in het voorjaar weer opschieten.
Een veilige afstand tot aardappelen bestaat daarom niet. Je eigen aardappelen verderop zetten helpt tegen je eigen bron, niet tegen het veld een paar straten verder.
Er is een tweede route. Waar twee paringstypes van de ziekteverwekker samen voorkomen, vormt hij oösporen: taaie rustsporen die in de grond overleven. Infecties vanuit die rustsporen ontstaan vaak later in het seizoen, zeker na veel regen. Ze vormen zich ook in tomaten: in vruchten die met beide types besmet raakten, zitten massa's oösporen in het vruchtvlees en de vaatbundels, af en toe tussen de haartjes van het zaadhuidje, en in enkele zaden zelfs in de kiem. Of zulke zaden zieke zaailingen geven, is niet aangetoond.
Een dak boven je tomaten
De ziekteverwekker heeft een nat blad nodig. Wie de regen van de bladeren houdt, neemt hem een groot deel van zijn kansen af. In een serre is het risico kleiner, omdat de sporen eerst via deuren en ramen binnen moeten raken.

Onkwetsbaar ben je daar niet. Eens de sporen binnen zijn, zorgt de hoge luchtvochtigheid in een serre voor een zeer snelle uitbraak. Een hoge luchtvochtigheid kan op zich al genoeg vocht leveren voor een infectie.
Praktisch betekent dat:
- Een afdak of tomatenhuis met open zijkanten, zodat de lucht blijft bewegen.
- In een serre de ramen en deur openzetten, zodat vocht weg kan en de bladeren niet nat blijven.
- Water geven aan de voet, en 's ochtends, zodat wat nat werd, overdag opdroogt.
- Genoeg ruimte tussen de planten voor luchtcirculatie.
Een afdak redt een tomaat die al besmet is niet meer. Bestaande vlekken zijn niet te bestrijden, zelfs niet met de sterkste middelen die beroepstelers gebruiken.
Resistente rassen: echt verschil, geen garantie
Voor wie buiten kweekt, zit hier de grootste winst.
In de proeftuin van de RHS deden 'Crimson Crush' en 'Mountain Magic' het in 2021 zeer goed. Amerikaanse biotelers noemen ook 'Legend' en 'Juliet'.
Voor ons klimaat zijn de Duitse rassen van het Ökologische Freiland-Tomatenprojekt het interessantst. Onderzoekers, beroepstelers en hobbytuiniers kweken daar sinds 2003 samen tomaten voor buiten zonder dak, met resistentie tegen phytophthora als hoofddoel en zonder patenten op de rassen. In de natte zomer van 2021, na drie droge jaren, kwamen Primabella, Resibella, Rondobella en Vivagrande, en voor de moestuin Sunviva, beter door het seizoen, terwijl gangbare rassen zwaar te lijden hadden.
Resistentie is geen immuniteit. Veredelaars werken met resistentiegenen zoals Ph-2 en Ph-3. Tomaten met die twee genen zijn goed bestand tegen de meeste courante stammen, en Ph-2 vertraagt vooral het begin van de ziekte. De meeste stammen is niet alle stammen. Een resistent ras dat in een natte augustus toch bruine bladeren krijgt, is dus niet mislukt. Het hield langer stand dan een gewoon ras op dezelfde plek.
Wat met besmet materiaal
Snel zijn loont. Haal aangetaste bladeren weg zodra je ze ziet. Is de plant zwaar aangetast, dan gaat de hele plant eruit: verwijderen, niet behandelen.
Niet op de composthoop. Oösporen zijn taai en overleven waarschijnlijk in veel composthopen in de tuin. Grote composteerinstallaties halen wel de nodige hitte: gesloten compostering boven 55 à 60 °C volstaat. Het loof hoort dus bij het gft of groenafval dat je gemeente ophaalt of op het recyclagepark, niet in je eigen compostbak.
Win geen zaad uit aangetaste tomaten. Het risico is niet bewezen, maar ook niet uitgesloten, en zaad heb je ook van een gezonde plant. Hoe je tomatenzaad wint, staat onderaan zaad winnen uit eigen pepers.
Nu, in het najaar, is ook het moment om op te ruimen. Geen tomatenloof laten liggen, en geen vergeten aardappelen in de grond, want daarin overwintert de ziekte. Teel je tomaten in volle grond, zet ze dan liefst vier jaar niet op dezelfde plek, en ook geen aardappelen in die tijd. In potten begin je volgend voorjaar met verse potgrond.
Middelen
In het Verenigd Koninkrijk zijn er voor hobbytuiniers geen middelen tegen phytophthora. Wat in België voor particulieren toegelaten is, staat op fytoweb.be, de officiële databank van de FOD Volksgezondheid. Kijk daar, niet op een forum. En onthoud: een middel kan de ziekte voorkomen, maar een bestaande vlek geneest het niet.
Bronnen (14)
- Landbouwleven (2023), 'Phytophthora infestans' profiteert van natte zomer: landbouwleven.be
- Inagro, Waarschuwingsberichten en webapplicatie aardappelziekte: inagro.be
- RHS, Tomato blight: rhs.org.uk
- MOFGA, Tomato Diseases: mofga.org
- University of Wisconsin Vegetable Pathology, Tomato Late Blight: vegpath.plantpath.wisc.edu
- Cornell, Long Island Vegetable Health, Late blight on tomatoes: blogs.cornell.edu
- AHDB, Development and implementation of a new national warning system for potato late blight in Great Britain (Hutton Criteria): potatoes.ahdb.org.uk
- AHDB Horticulture, Phytophthora infestans: horticulture.ahdb.org.uk
- KMI, Klimaatstatistieken van de Belgische gemeenten: Asse (1991–2020): meteo.be
- KMI, Klimatologisch overzicht zomer 2021: meteo.be
- Rubin, Baider en Cohen (2001), Phytophthora infestans Produces Oospores in Fruits and Seeds of Tomato, Phytopathology: europepmc.org
- Universiteit Kassel (2021), Tomaten aus partizipativer Züchtung kamen besser durch den feuchten Sommer: uni-kassel.de
- Georg-August-Universität Göttingen, Das ökologische Freiland-Tomatenprojekt: uni-goettingen.de
- Pan e.a. (2024), Identification and Functional Analysis of the Ph-2 Gene Conferring Resistance to Late Blight (Phytophthora infestans) in Tomato, Plants: pmc.ncbi.nlm.nih.gov
Van lezen naar zaaien
Zin gekregen om te zaaien?
Bij elk ras staan de kiemtijd, de kiemtemperatuur, de scoville en wanneer je moet zaaien.


